De Russische romans 1 1926 1932
Uitgelicht
|
49,90 |
Naar shop
|
|
49,90 |
Naar shop
|
|
49,90 |
Naar shop
|
Beschrijving
Vladimir Nabokov was een Russisch-Amerikaanse schrijver met wortels in een welgestelde familie. Hij groeide drietalig op en sprak naast Russisch vloeiend Engels en Duits. Zijn vroege werk werd in het Russisch geschreven, later stapte hij over naar het Engels en beschouwt zichzelf als Amerikaans romancier. Nabokov zag literatuur als een verfijnde, zij het nutteloze vorm van vermaak, vrij van maatschappelijke relevantie. In zijn romans speelt hij graag een ingenieus en amusant spel met motieven en personages, vergelijkbaar met het bedenken en oplossen van schaakproblemen. De Russischen romane 1 bevat de romans die hij schreef tussen 1926 en 1932: Masjenka; Heer, vrouw, boer; De verdediging; Het oog en Glorie. De vertaling van Masjenka werd herzien door Jan Pieter van der Sterre. De Russischen romane 2 behandelt romans uit 1933 tot 1939: Een lach in het donker; Wanhoop; Uitnodiging voor een onthoofding; De gave en De tovenaar. Een deel van de tekst is herhaald in meerdere beschrijvingen.
De beschrijvingen benadrukken Nabokovs multidisciplinaire achtergrond en zijn transitie van Russische naar Engelstalige literatuur, evenals zijn eigen opvatting van literatuur als spel en intellectueel vermaak. Bovendien worden de twee verzamelwerken van zijn Russische romans genoemd, met de jaartallen waarin de romans zijn geschreven en de soms vernieuwde vertalingen van specifieke titels.
Kenmerken
- Russisch-Amerikaanse schrijver geboren in Sint-Petersburg in 1899
- Taalverwerving: Russisch, Engels en Duits vanaf jonge leeftijd
- Oorspronkelijk Russisch, later Engels als schrijftaal
- De Russische romans 1 (1926–1932) en De Russische romans 2 (1933–1939)
- Masjenka vertaling herzien door Jan Pieter van der Sterre
- Romans spelen schaakachtige motieven en motieven met personages
- Masjenka; Heer, vrouw, boer; De verdediging; Het oog en Glorie
- Een Lach in het donker; Wanhoop; Uitnodiging voor een onthoofding; De gave; De tovenaar
Vladimir Nabokov was een Russisch-Amerikaanse schrijver met wortels in een welgestelde familie. Hij groeide drietalig op en sprak naast Russisch vloeiend Engels en Duits. Zijn vroege werk werd in het Russisch geschreven, later stapte hij over naar het Engels en beschouwt zichzelf als Amerikaans romancier. Nabokov zag literatuur als een verfijnde, zij het nutteloze vorm van vermaak, vrij van maatschappelijke relevantie. In zijn romans speelt hij graag een ingenieus en amusant spel met motieven en personages, vergelijkbaar met het bedenken en oplossen van schaakproblemen. De Russischen romane 1 bevat de romans die hij schreef tussen 1926 en 1932: Masjenka; Heer, vrouw, boer; De verdediging; Het oog en Glorie. De vertaling van Masjenka werd herzien door Jan Pieter van der Sterre. De Russischen romane 2 behandelt romans uit 1933 tot 1939: Een lach in het donker; Wanhoop; Uitnodiging voor een onthoofding; De gave en De tovenaar. Een deel van de tekst is herhaald in meerdere beschrijvingen.
De beschrijvingen benadrukken Nabokovs multidisciplinaire achtergrond en zijn transitie van Russische naar Engelstalige literatuur, evenals zijn eigen opvatting van literatuur als spel en intellectueel vermaak. Bovendien worden de twee verzamelwerken van zijn Russische romans genoemd, met de jaartallen waarin de romans zijn geschreven en de soms vernieuwde vertalingen van specifieke titels.
Kenmerken
- Russisch-Amerikaanse schrijver geboren in Sint-Petersburg in 1899
- Taalverwerving: Russisch, Engels en Duits vanaf jonge leeftijd
- Oorspronkelijk Russisch, later Engels als schrijftaal
- De Russische romans 1 (1926–1932) en De Russische romans 2 (1933–1939)
- Masjenka vertaling herzien door Jan Pieter van der Sterre
- Romans spelen schaakachtige motieven en motieven met personages
- Masjenka; Heer, vrouw, boer; De verdediging; Het oog en Glorie
- Een Lach in het donker; Wanhoop; Uitnodiging voor een onthoofding; De gave; De tovenaar