Christian Thielemann over Wagners Ring van de Nibelung 'Van 2006 tot 2010 heb ik alleen al aan de Ring zo'n 300 uur in de orkestbak in Bayreuth doorgebracht... Elk jaar keek ik weer uit naar deze taak, en ik ben geenszins van mening dat ik er helemaal klaar mee ben. De Ring is muzikaal zo veelzijdig dat de nieuwsgierigheid en de drang om verder te zoeken nooit uitgeput raken. In de Ring voelt de dirigent zich als een batterij die voortdurend wordt opgeladen. Dat komt door de contrasterende werelden waar je 15 uur lang doorheen beweegt, en door de vier zeer verschillende temperamenten van de tetralogie. Het orkest is gigantisch, met contrafagot, bastuba en acht hoorns - maar hoe genuanceerd en gedifferentieerd Wagners omgang met dit apparaat is!.. Zoals ik het zie, snijdt de Ring door 'de Duitse klank', hij toont de uitersten en de facetten ervan, van licht en speels tot zwaar, ernstig en beladen met betekenis. De Duitse klank, zo leert Wagner ons, is nooit alleen het een en nooit alleen het ander. Holländer, Tannhäuser, Lohengrin, Tristan, Meistersinger: als hij aan de Ring toekomt, begint Wagner weer van voren af aan. In zijn compositietechniek, in zijn behandeling van het orkest, in zijn afmetingen, harmonisch, alles is anders. Toen hij de Ring componeerde, had Wagner geen orkest tot zijn beschikking om te testen of wat hij zich voorstelde ook werkte. Alles speelde zich af in zijn hoofd. Toen hij de Ring in 1876 eindelijk hoorde, heeft hij er wel het een en ander aan veranderd - en later zou hij ongetwijfeld nog meer hebben willen veranderen. Niet dat ik er iets in zie om daarover te speculeren. We moeten ons richten op het werk zoals het is, en die taak is al moeilijk genoeg.'
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: