De man die alles zag (Paperback)
Uitgelicht
|
24,99 |
Naar shop
|
|
24,99 |
Naar shop
|
|
24,99 |
Naar shop
|
Beschrijving
De kleurrijke kunstenaarsscene uit de grimmige jaren tachtig komt samen in een vertelling die begint met een groep vrienden en uitgroeit tot een meeslepende, hooggestemde en duistere verbijstering. Het verhaal vraagt zich af wat de kunstenaarswereld op de valreep van de twintigste eeuw precies voorstond en of deze geschiedenis als afgerond tijdsbeeld begrepen kan worden. In een humorvolle openingsscène maakt de lezer kennis met René Huigen, die zijn nieuwe typemachine uitprobeert. Direct stap je in zijn hoofd en dagelijkse leven, terwijl een buurvrouw met het teken van het tikken voor de nasleep van het lawaai waarschuwt. Huigen verweeft op meesterlijke en vaak hilarische wijze de alledaagse beslommeringen van zijn hoofdpersonage met herinneringen aan kleurrijke figuren uit het verleden. De roman geeft een caleidoscopische, maar persoonlijke beschrijving van een periode in de Nederlandse literatuur, waarin excessen en opwellingen van toen niet zonder consequenties blijven. Zal het verleden hem uiteindelijk inhalen, of toch niet? Juist die ongrijpbaarheid maakt De man die alles zag tot een roman die je moeilijk weglegt en die uitnodigt tot herlezen.
In de loop van betoverende ontmoetingen evolueert een groep vrienden tot een indringende, duistere vertelling waarin de kunstenaarsscene centraal staat en vraagtekens oproept bij wat dit tijdsbeeld werkelijk omvat. Ondanks de aanwezigheid van bekende namen als Rob Scholte en Joost Zwagerman onderzoekt de roman hoe deze geschiedenis is gevormd en welke betekenis zij heeft voor het begrip van de laatste decennia.
Door de combinatie van dagelijkse werkelijkheid en herinneringen aan het verleden wordt een beeld geschetst van een periode in de Nederlandse literatuur van binnenuit. De toon is indringend en tegelijk speels, met humor die de ernst niet verloopt maar juist verdiept.
Kenmerken
- Verhaal speelt in late jaren tachtig
- Hoofdfiguur: René Huigen met zijn typemachine
- Alledaagse leven verweven met herinneringen
- Verkenning van Nederlandse literaire scene van binnenuit
- Verwijzingen naar Rob Scholte en Joost Zwagerman
- Thema’s van verleden versus heden en consequenties
De kleurrijke kunstenaarsscene uit de grimmige jaren tachtig komt samen in een vertelling die begint met een groep vrienden en uitgroeit tot een meeslepende, hooggestemde en duistere verbijstering. Het verhaal vraagt zich af wat de kunstenaarswereld op de valreep van de twintigste eeuw precies voorstond en of deze geschiedenis als afgerond tijdsbeeld begrepen kan worden. In een humorvolle openingsscène maakt de lezer kennis met René Huigen, die zijn nieuwe typemachine uitprobeert. Direct stap je in zijn hoofd en dagelijkse leven, terwijl een buurvrouw met het teken van het tikken voor de nasleep van het lawaai waarschuwt. Huigen verweeft op meesterlijke en vaak hilarische wijze de alledaagse beslommeringen van zijn hoofdpersonage met herinneringen aan kleurrijke figuren uit het verleden. De roman geeft een caleidoscopische, maar persoonlijke beschrijving van een periode in de Nederlandse literatuur, waarin excessen en opwellingen van toen niet zonder consequenties blijven. Zal het verleden hem uiteindelijk inhalen, of toch niet? Juist die ongrijpbaarheid maakt De man die alles zag tot een roman die je moeilijk weglegt en die uitnodigt tot herlezen.
In de loop van betoverende ontmoetingen evolueert een groep vrienden tot een indringende, duistere vertelling waarin de kunstenaarsscene centraal staat en vraagtekens oproept bij wat dit tijdsbeeld werkelijk omvat. Ondanks de aanwezigheid van bekende namen als Rob Scholte en Joost Zwagerman onderzoekt de roman hoe deze geschiedenis is gevormd en welke betekenis zij heeft voor het begrip van de laatste decennia.
Door de combinatie van dagelijkse werkelijkheid en herinneringen aan het verleden wordt een beeld geschetst van een periode in de Nederlandse literatuur van binnenuit. De toon is indringend en tegelijk speels, met humor die de ernst niet verloopt maar juist verdiept.
Kenmerken
- Verhaal speelt in late jaren tachtig
- Hoofdfiguur: René Huigen met zijn typemachine
- Alledaagse leven verweven met herinneringen
- Verkenning van Nederlandse literaire scene van binnenuit
- Verwijzingen naar Rob Scholte en Joost Zwagerman
- Thema’s van verleden versus heden en consequenties