Midden in de nacht ontvouwt zich een speels en warm verhaal over buren die elkaar letterlijk en figuurlijk raken. De vertelstijl combineert een vleugje humor met een poëtische beschrijving van geluiden en bewegingen in een appartementengebouw. Centraal staan drie figuren die, ieder op zichzelf, elkaar inspireren en samen een vrolijke chaos vormen: een olifant die ’s nachts tapdanst en karaoke zingt, een luidruchtige kangoeroe die meepraat en samen met de bovenbuurman het huis tot een soort concertzaal maakt. Roos van Rijswijk put uit haar slapeloze ervaringen onder een herrieschopper en geeft de avonturen van dit wonderlijke trio een eigen, idyllische kijk. De combinatie van taal en beeld schetst een zachtgekleurde, humorvolle sfeer waarin het dagelijkse lawaai transformeert tot een fascinerend verhaal vol herkenning en warmte. Met illustraties van Sylvia Weve ontstaat er een samenhangende schets van kakofonisch geluk, waarin leven in een appartement soms net zo rustgevend kan zijn als stiltecoupés en toch net even anders.
Het boek laat zien hoe gewone geluiden buitengewoon kunnen worden wanneer ze worden opgenomen in een verhaal vol verbeelding. De ervaringen van de bewoners worden geciteerd als een creatieve bron voor Roos van Rijswijk, die de relaties tussen de personages en hun omgeving onderzoekt in een speelse, toegankelijke stijl. Het eindresultaat is een charmante, muzikale illustratie van het dagelijkse leven en het plezier dat schuilt in onverwachte geluiden.
Kenmerken
- Kakofonisch geluk van buurleven in verhalen
- Olifant, kangoeroe en bovenbuurman als hoofdfiguren
- Slapeloze inspiratie door geluidservaringen
- Zelfgemaakte bowlingbaan en trompettergeluid
- Illustraties van Sylvia Weve naast Roos van Rijswijk
- Idyllische schets van het dagelijks leven