De schilders van Domburg
Uitgelicht
|
27,95 |
Naar shop
|
|
27,95 |
Naar shop
|
|
27,95 |
Naar shop
|
| VERGELIJK ALLE AANBIEDERS (3) | ||
Beschrijving
Vanaf 1870 ontwikkelde Domburg zich tot een kunstenaarskolonie waar binnenlandse en buitenlandse schilders de ongerepte natuur, de bijzondere lichtval langs de kust en de weerspiegeling ervan op het vlakke land aantrokken. Het grillige duinlandschap, de zee en de oude bossen rond de dorpen vormden een inspiratiebron voor schilders, dichters, componisten en schrijvers, met de kustplaats als centraal punt. In genoemde periode ontstonden banden tussen kunstenaars door gezamenlijke bezoeken, ontmoetingen en tentoonstellingen, waarvan de Domburgsche Tentoonstellingen tussen 1911 en 1921 een hoogtepunt waren. Belangrijke figuren als Jan Toorop en Piet Mondriaan leverden een sleutelbijdrage aan de basis voor het Nederlandse luminisme, wat de kolonie in de ogen van velen sterk definiëerde. De Eerste Wereldoorlog luidde volgens verscheiden bronnen een verandering in voor de kunstenaarskolonie, maar de historische invloed van Domburg blijft behouden als ontmoetingsplek en bron van inspiratie voor creatieve velen.
Achtergrond
Vanaf 1870 ontwikkelde Domburg zich tot een kunstenaarskolonie. Toorop en Mondriaan legden er samen de basis voor het Nederlandse luminisme, terwijl tal van binnenlandse en buitenlandse schilders in Toorops kielzog kwamen werken. Ze raakten geïnspireerd door de omgeving en door de karakteristieke Zeeuwse bevolking. Het grillige duinlandschap, de zee en de oude bossen rondom de dorpen boden een voortdurende inspiratie voor kunstenaars uit verschillende disciplines.
Tentoonstellingen en invloed
De zogenaamde Domburgsche Tentoonstellingen (1911-1921) maakte de band tussen de kunstenaars nog hechter. De kustplaats Domburg was het centrale punt, en de zestienjarige periode van tentoonstellingen droeg bij aan de verspreiding van ideeën en stijl. De Eerste Wereldoorlog markeerde volgens overleveringen het begin van het einde van de oorspronkelijke kolonie, maar de invloed van Domburg op het Nederlandse luminisme en op de kunstenaarscultuur van Walcheren bleef doorwerken.
Vanaf 1870 ontwikkelde Domburg zich tot een kunstenaarskolonie waar binnenlandse en buitenlandse schilders de ongerepte natuur, de bijzondere lichtval langs de kust en de weerspiegeling ervan op het vlakke land aantrokken. Het grillige duinlandschap, de zee en de oude bossen rond de dorpen vormden een inspiratiebron voor schilders, dichters, componisten en schrijvers, met de kustplaats als centraal punt. In genoemde periode ontstonden banden tussen kunstenaars door gezamenlijke bezoeken, ontmoetingen en tentoonstellingen, waarvan de Domburgsche Tentoonstellingen tussen 1911 en 1921 een hoogtepunt waren. Belangrijke figuren als Jan Toorop en Piet Mondriaan leverden een sleutelbijdrage aan de basis voor het Nederlandse luminisme, wat de kolonie in de ogen van velen sterk definiëerde. De Eerste Wereldoorlog luidde volgens verscheiden bronnen een verandering in voor de kunstenaarskolonie, maar de historische invloed van Domburg blijft behouden als ontmoetingsplek en bron van inspiratie voor creatieve velen.
Achtergrond
Vanaf 1870 ontwikkelde Domburg zich tot een kunstenaarskolonie. Toorop en Mondriaan legden er samen de basis voor het Nederlandse luminisme, terwijl tal van binnenlandse en buitenlandse schilders in Toorops kielzog kwamen werken. Ze raakten geïnspireerd door de omgeving en door de karakteristieke Zeeuwse bevolking. Het grillige duinlandschap, de zee en de oude bossen rondom de dorpen boden een voortdurende inspiratie voor kunstenaars uit verschillende disciplines.
Tentoonstellingen en invloed
De zogenaamde Domburgsche Tentoonstellingen (1911-1921) maakte de band tussen de kunstenaars nog hechter. De kustplaats Domburg was het centrale punt, en de zestienjarige periode van tentoonstellingen droeg bij aan de verspreiding van ideeën en stijl. De Eerste Wereldoorlog markeerde volgens overleveringen het begin van het einde van de oorspronkelijke kolonie, maar de invloed van Domburg op het Nederlandse luminisme en op de kunstenaarscultuur van Walcheren bleef doorwerken.