De trein naar Samarkand (Paperback)
Uitgelicht
|
27,99 |
Naar shop
|
|
27,99 |
Naar shop
|
|
27,99 |
Naar shop
|
Beschrijving
De trein naar Samarkand speelt zich af in 1923, in de nasleep van de Russische Burgeroorlog, wanneer een immense hongersnood miljoenen mensen treft in het Wolgagebied. Dejev, een zachtaardige treincommandant, en Belaja, een strenge regeringsvertegenwoordiger, krijgen de opdracht om vijfhonderd ondervoede weeskinderen te evacueren naar het zuiden. Tijdens een zes weken durende treinreis door ontzagwekkende landschappen—van het hongerende Wolgagebied tot de Kazachse steppen, woestijnen en de bergen van Turkestan—strijden ze tegen schaarste aan eten, water en brandstof, en trotseren ze dreiging van bendes en opstandelingen. Door glorieuze momenten van menselijkheid, maar ook dreigingen, nemen Guzel Jachina’s personages je mee in een verhaal waarin hoop, moed en mededogen opgaan in een reis vol spanning en ontroering. De roman weeft komische scènes door de dreiging van tragedie en kruipt in de gedachten van de kinderen, waardoor hun stemmen tot leven komen en de menselijkheid in tijden van onmenselijkheid centraal staat.
Kazan, 1923. Dejev en Belaja evacueren vijfhonderd ondervoede weeskinderen naar het zuiden, terwijl ze ziektes overwinnen en voortdurend water, voedsel en brandstof vinden. De roman is een ode aan menselijkheid in onmenselijke tijden, met een indringende portrettering van hoop en veerkracht in een historisch turbulente periode.
Pagina's: 520, Editie: Eerste editie, Paperback, Querido
Kenmerken
- Spanningrijke reis door postrevolutionair, uitgestrekt land
- Hoofdpersonen: Dejev, zachtaardig; Belaja, streng
- Evacuatie van vijfhonderd ondervoede weeskinderen
- Voortdurende schaarste aan voedsel, water en brandstof
- Tekst kruipt in de hoofden van de kinderen
De trein naar Samarkand speelt zich af in 1923, in de nasleep van de Russische Burgeroorlog, wanneer een immense hongersnood miljoenen mensen treft in het Wolgagebied. Dejev, een zachtaardige treincommandant, en Belaja, een strenge regeringsvertegenwoordiger, krijgen de opdracht om vijfhonderd ondervoede weeskinderen te evacueren naar het zuiden. Tijdens een zes weken durende treinreis door ontzagwekkende landschappen—van het hongerende Wolgagebied tot de Kazachse steppen, woestijnen en de bergen van Turkestan—strijden ze tegen schaarste aan eten, water en brandstof, en trotseren ze dreiging van bendes en opstandelingen. Door glorieuze momenten van menselijkheid, maar ook dreigingen, nemen Guzel Jachina’s personages je mee in een verhaal waarin hoop, moed en mededogen opgaan in een reis vol spanning en ontroering. De roman weeft komische scènes door de dreiging van tragedie en kruipt in de gedachten van de kinderen, waardoor hun stemmen tot leven komen en de menselijkheid in tijden van onmenselijkheid centraal staat.
Kazan, 1923. Dejev en Belaja evacueren vijfhonderd ondervoede weeskinderen naar het zuiden, terwijl ze ziektes overwinnen en voortdurend water, voedsel en brandstof vinden. De roman is een ode aan menselijkheid in onmenselijke tijden, met een indringende portrettering van hoop en veerkracht in een historisch turbulente periode.
Pagina's: 520, Editie: Eerste editie, Paperback, Querido
Kenmerken
- Spanningrijke reis door postrevolutionair, uitgestrekt land
- Hoofdpersonen: Dejev, zachtaardig; Belaja, streng
- Evacuatie van vijfhonderd ondervoede weeskinderen
- Voortdurende schaarste aan voedsel, water en brandstof
- Tekst kruipt in de hoofden van de kinderen