In 'Een liefdeslied' vertelt Ernst Jansz een ontroerende en onthutsende liefdesgeschiedenis van zijn ouders, Rudi en Jopie, tegen de achtergrond van de Tweede Wereldoorlog en de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd. Dit verhaal wordt vormgegeven aan de hand van 16 nieuwe liedjes, die samen een filmisch narratief creëren dat de lezer meeneemt op een indringende reis door het verleden.
Het verhaal begint in 1939, wanneer Rudi, de Indische vader van Ernst, wordt opgeroepen voor de militaire dienst. De oorlog breekt uit op 10 mei 1940, en Rudi's batterij weet 35 vijandige Duitse toestellen uit de lucht te halen. Helaas wordt hij op 14 mei krijgsgevangen gemaakt, maar tien dagen later weet hij te ontsnappen en sluit hij zich aan bij het ondergrondse verzet. In december 1940 trouwt hij met Jopie, die hij heeft leren kennen op een dansavond in 1937.
Jansz laat de lezer diep ingaan op Rudi's persoonlijke strijd, zijn mentale problemen na de oorlog en zijn rol in het verzet. Tijdens de bevrijding raakt Jopie zwanger van een Indonesische prins, terwijl Rudi tegelijkertijd een innige band opbouwt met Riekje, een Joodse vrouw die hij in het verzet heeft leren kennen. Hun belofte om voor elkaars kinderen te zorgen mocht een van hen overlijden, heeft verstrekkende gevolgen voor de toekomst.
Na een scheiding van Jopie en een hertrouw als haar Indonesische geliefde wordt opgeroepen voor de KNIL, wordt in 1946 hun dochter Ati geboren. Tragisch genoeg kan Riekje met deze wending niet omgaan en pleegt zelfmoord. Een zus van Riekje neemt de verantwoordelijkheid voor haar kinderen op zich en verhuist naar het huis van Rudi en Jopie. Ondertussen zet Rudi zich in voor de onafhankelijkheid van Indonesië en bepleit hij een verbroedering tussen Indo's en Indonesiërs, wat hem op de zwarte lijst van het Ministerie van Justitie plaatst.
Rudi's leven eindigt in augustus 1965, en pas dan komt de waarheid naar boven: Ati heeft een andere biologische vader dan Ernst. Dit onthult de complexe en vaak pijnlijke geschiedenis van identiteitsverlies. De zoektocht naar de afkomst van Ati gaat verder wanneer Ernst in 1993 naar Indonesië reist voor optredens, op zoek naar de familie van Ati's vader.
Met 'Een liefdeslied' belicht Jansz opnieuw de opmerkelijke liefdesgeschiedenis van zijn ouders en de keren dat hun levens samenkomen en uit elkaar gaan. Het boek bevat daarnaast een studio-cd met de bijpassende liedjes, die de emotionele lading van het verhaal verder versterken.