Fritz Heller, Rabaskadol, Capella '92 & Gerben van der Veen Martin Peudargent (Super Audio CD)
Uitgelicht
|
15,00 |
Naar shop
|
|
25,18 |
Naar shop
|
Beschrijving
Bol Partner
Meer dan 400 jaar geleden was de musicus en componist Martin Peudargent (ca. 1510 - vóór 1594) werkzaam aan het hertogelijke hof van Jülich-Kleve. Hij liet een omvangrijk oeuvre na, dat pas sinds kort breed toegankelijk is. Zijn eerste verzameling motetten, het 'Liber Primus sacrarum cantionum quinque vocum, quae vulgo Moteta vocantur', werd in 1555 in Düsseldorf gedrukt. Op de titelpagina wordt Peudargent beschreven als 'Illustrißimi Ducis Iuliae, Cliviae, Bergiae etc. Musicus'. Uit een latere bron blijkt dat hij afkomstig was uit Hoei in de Nederlanden, in het prinsbisdom Luik. Mogelijk is hij daarom opgeleid in de stad Luik. In latere jaren onderhield hij nauwe banden met Luikse musici zoals Adamus de Ponta. De motettenverzameling is het vroegste bewijs dat Peudargent aan het hof van Jülich-Kleve werkte. In een eerder verslag, uit 1532, wordt hij beschreven als 'magister Martin Peudargent' en eigenaar van een huis in de hertogelijke zetel van Kleef. Peudargent was waarschijnlijk werkzaam in de plaatselijke kloosterschool, waarvan het koor vaak aan het hof zong. Deze opname concentreert zich op de 'Staats- of huldemotetten' uit Peudargents tweede bundel (1555), waarin wordt verwezen naar het hertogelijke huis. De opname bevat ook werken uit het eerste en tweede motetboek, zoals ze zouden zijn uitgevoerd in de dagelijkse routine van een hofkapel: zettingen van bijbelteksten, vooral psalmen, en vrije teksten volgens het kerkelijk jaar.
Meer dan 400 jaar geleden was de musicus en componist Martin Peudargent (ca. 1510 - vóór 1594) werkzaam aan het hertogelijke hof van Jülich-Kleve. Hij liet een omvangrijk oeuvre na, dat pas sinds kort breed toegankelijk is. Zijn eerste verzameling motetten, het 'Liber Primus sacrarum cantionum quinque vocum, quae vulgo Moteta vocantur', werd in 1555 in Düsseldorf gedrukt. Op de titelpagina wordt Peudargent beschreven als 'Illustrißimi Ducis Iuliae, Cliviae, Bergiae etc. Musicus'. Uit een latere bron blijkt dat hij afkomstig was uit Hoei in de Nederlanden, in het prinsbisdom Luik. Mogelijk is hij daarom opgeleid in de stad Luik. In latere jaren onderhield hij nauwe banden met Luikse musici zoals Adamus de Ponta. De motettenverzameling is het vroegste bewijs dat Peudargent aan het hof van Jülich-Kleve werkte. In een eerder verslag, uit 1532, wordt hij beschreven als 'magister Martin Peudargent' en eigenaar van een huis in de hertogelijke zetel van Kleef. Peudargent was waarschijnlijk werkzaam in de plaatselijke kloosterschool, waarvan het koor vaak aan het hof zong. Deze opname concentreert zich op de 'Staats- of huldemotetten' uit Peudargents tweede bundel (1555), waarin wordt verwezen naar het hertogelijke huis. De opname bevat ook werken uit het eerste en tweede motetboek, zoals ze zouden zijn uitgevoerd in de dagelijkse routine van een hofkapel: zettingen van bijbelteksten, vooral psalmen, en vrije teksten volgens het kerkelijk jaar.
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: