Gerson ontsnapt tijdens de Tweede Wereldoorlog aan een razzia in Zwolle en sluit zich aan bij het verzet. Na de oorlog vecht hij in Israël als soldaat in de frontlinies en draagt hij bij aan de realisatie van de Staat Israël. Jaren later deelt hij zijn levensverhaal door brieven te schrijven aan zijn kleindochter Sofie. Het verhaal vertelt over verlies, verraad, vriendschap, moed, daadkracht en overleven. Vanaf de eerste gebeurtenissen in zijn geboortestad tot zijn jaren als vrijwilliger bij Hagana (de latere IDF) en zijn latere terugblik op het verleden wordt duidelijk hoe hij acht keer aan de dood ontsnapt tussen zijn zestiende en drieëntwintigste jaar. Zijn woorden krijgen pas na lange tijd een stem, maar hij geeft uiteindelijk toestemming om zijn verhaal te delen. Een indringend portret van een mensengelicht door oorlog en familierelaties, verteld vanuit de brieven die hij aan zijn kleindochter schreef en die haar inzicht geven in zijn leven en strijd.”
Verhaal in hoofdpunten
Gersons jeugd in Zwolle eindigde abrupt met een razzia op 2-3 oktober 1942. Hij en zijn familie ontsnapten en sloten zich aan bij het verzet in Amsterdam. Na de arrestatie van zijn vader dook hij onder in Friesland en wachtte het einde van de oorlog af. In 1947 sloot hij zich als vrijwilliger aan bij Hagana, de latere IDF, en vocht hij als soldaat in de frontlinies voor de realisatie van de Staat Israël. Tussen zijn zestiende en drieëntwintigste jaar ontsnapte hij acht keer aan de dood. Over het verleden sprak hij nooit, maar zijn kleindochter Sofie wilde het weten en hij belooft zijn levensverhaal op te schrijven. In 1997 schrijft hij zijn eerste brief; tien jaar later, op 5 mei 2007, zijn laatste. Bij zijn sterfbed in 2016 geeft hij toestemming om zijn verhaal te delen.
Hoofdthema's
- Verlies en verliesverwerking
- Verraad en loyaliteit
- Vriendschap en kameraadschap
- Moed en daadkracht
- Overleven tegen de verwachtingen in
- Familiebanden en nalatenschap