Het paard speelde tot zo’n honderd jaar geleden een belangrijke rol in ons dagelijks leven. Het was een van de snelste manieren om te reizen, zeker voor wie nog geen auto bezat. In die tijd zijn veel woorden uit de taal geworteld in de wereld van het paard, en die sporen zijn nog steeds te herkennen in onze taal, ook al realiseren we ons dat niet altijd. Het boek belicht hoe taal en paarden elkaar raken: van woordvormen zoals ruiterlijk tot minder voor de hand liggende termen als vedette en jakkeren. Soms verdwijnen woorden uit ons dagelijkse taalgebruik, en zo wordt de vraag gesteld hoe vroeger een ADHD-paard genoemd werd. De geschiedenis van het paard in onze taal is rijk en vermakelijk voor iedereen die van paarden of van taal houdt.
Frans Collignon (1951) is journalist, auteur en ruiter. Hij werkt voor kranten, tijdschriften en omroep. Hij was van 1988 tot 2001 hoofdredacteur van NOS-Teletekst en heeft meerdere geprezen boeken over taal op zijn naam staan, waaronder Het woordenreservaat (2004) en Een kleine hamer, fel gedreven (2005). Het boek biedt een muzikale combinatie van taalgeschiedenis en lentere voorbeelden die leuk zijn voor liefhebbers van zowel paarden als taal.
Het paard in taal: een plezierig venster op cultuur en woordenschat, met aandacht voor hoe dynamiek tussen mens en dier de taal heeft vormgegeven.
Kenmerken
- Paard speelde lange tijd een grote rol in dagelijks vervoer
- Auto was nog niet gemeengoed; vooral voor de rijken
- Taal bevat sporen van het paard, nog herkenbaar
- Voorbeelden: ruiterlijk, vedette, jakkeren
- Sommige woorden verdwenen uit de dagelijkse taal
- ADHD-paard als vraagstuk in de taalgeschiedenis