Morgen wordt het beter (Hardback)
Uitgelicht
|
29,95 |
Naar shop
|
|
29,95 |
Naar shop
|
|
29,95 |
Naar shop
|
Beschrijving
Loonbeheersing speelde in de jaren vijftig een grote rol bij de discussie over nationaal belang en de rol van de Limburgse mijnstreek. Steenkool vormde tot eind jaren vijftig de kurk waardoor de Nederlandse economie in belangrijke mate dreef, en de mijnindustrie had een beslissende invloed op het wel en wee van bewoners in de regio tijdens de wederopbouw. Naarmate de jaren vijftig ten einde liepen en de welvaartsstaat zich ontwikkelde, verloren de mijnen de strijd tegen goedkopere energiebronnen. Vanaf medio jaren vijftig ontstond in de Limburgse mijnstreek meer alternatieve werkgelegenheid. Het onderwijs bood bovendien steeds vaker mogelijkheden om de oorspronkelijke route naar de mijn te vermijden. Mijnarbeid werd nooit geliefd, maar de mijnen slaagden er niet meer in voldoende arbeidskrachten uit de eigen regio aan te trekken voor zwaar, ongezond en gevaarlijk ondergronds werk. De economie volgde zo een patroon van opbouw, groei en stagnatie tussen 1955 en 1975. De ontwikkelingen in deze periode zijn terug te zien in de fotoverzamelingen van de mijnen, de voormalige mijngemeenten en andere archieven, die samen een bredere kijk bieden op dertig jaren wederopbouw en neergang van de Limburgse mijnstreek.
Daarnaast vormen de ondersteunende teksten en beeldmateriaal een aanvullend inzicht op die periode en de veranderingen in de regio.
Kenmerken
- Steenkool vormde tot eind vijftiger jaren de economische kurk
- Opbouw, groei en stagnatie kenmerken de economie 1955-1975
- Vanaf midden jaren vijftig ontstaan alternatieve werkgelegenheid
- Onderwijs biedt meer mogelijkheden om mijnwerk te vermijden
- Mijnarbeid was nooit geliefd, arbeidskrachten uit regio namen af
- Visuele bronnen tonen wederopbouw en neergang van de Limburgse mijnstreek
Loonbeheersing speelde in de jaren vijftig een grote rol bij de discussie over nationaal belang en de rol van de Limburgse mijnstreek. Steenkool vormde tot eind jaren vijftig de kurk waardoor de Nederlandse economie in belangrijke mate dreef, en de mijnindustrie had een beslissende invloed op het wel en wee van bewoners in de regio tijdens de wederopbouw. Naarmate de jaren vijftig ten einde liepen en de welvaartsstaat zich ontwikkelde, verloren de mijnen de strijd tegen goedkopere energiebronnen. Vanaf medio jaren vijftig ontstond in de Limburgse mijnstreek meer alternatieve werkgelegenheid. Het onderwijs bood bovendien steeds vaker mogelijkheden om de oorspronkelijke route naar de mijn te vermijden. Mijnarbeid werd nooit geliefd, maar de mijnen slaagden er niet meer in voldoende arbeidskrachten uit de eigen regio aan te trekken voor zwaar, ongezond en gevaarlijk ondergronds werk. De economie volgde zo een patroon van opbouw, groei en stagnatie tussen 1955 en 1975. De ontwikkelingen in deze periode zijn terug te zien in de fotoverzamelingen van de mijnen, de voormalige mijngemeenten en andere archieven, die samen een bredere kijk bieden op dertig jaren wederopbouw en neergang van de Limburgse mijnstreek.
Daarnaast vormen de ondersteunende teksten en beeldmateriaal een aanvullend inzicht op die periode en de veranderingen in de regio.
Kenmerken
- Steenkool vormde tot eind vijftiger jaren de economische kurk
- Opbouw, groei en stagnatie kenmerken de economie 1955-1975
- Vanaf midden jaren vijftig ontstaan alternatieve werkgelegenheid
- Onderwijs biedt meer mogelijkheden om mijnwerk te vermijden
- Mijnarbeid was nooit geliefd, arbeidskrachten uit regio namen af
- Visuele bronnen tonen wederopbouw en neergang van de Limburgse mijnstreek