Drieëntwintig Nederlandse liedjes vormen de toegang tot een originele cultuurgeschiedenis van Nederland. Het boek gaat over muziek, maar vooral over de mensen, de tijd en de samenleving achter de melodie. Nederlanders kennen honderden populaire liedjes, maar sommige groeiden uit tot cultureel erfgoed. In Tussen Katinka en mijnheer Dinges onderzoekt Aben Vlerk wat deze liedjes vertellen over de samenleving waarin zij ontstonden. Persoonlijke geschiedenissen van artiesten worden verbonden met thema’s als emancipatie, generaties, humor, identiteit, oorlog, nostalgie en herinnering. Zo ontstaat een originele cultuurhistorische reis waarin muziek het vertrekpunt vormt, maar Nederland zelf de hoofdpersoon is. Achter ieder lied lijkt een verhaal schuil te gaan dat verder reikt dan de melodie. Een verrassend boek voor liefhebbers van muziek, geschiedenis en de verhalen die ons collectieve geheugen hebben gevormd.
Inhoud
Drieëntwintig Nederlandse liedjes vormen de toegang tot een originele cultuurgeschiedenis van Nederland. Een boek over muziek, maar vooral over de mensen, de tijd en de samenleving achter de melodie. In Tussen Katinka en mijnheer Dinges onderzoekt Aben Vlerk wat deze liedjes vertellen over de samenleving waarin zij ontstonden. Persoonlijke geschiedenissen van artiesten worden verbonden met thema’s als emancipatie, generaties, humor, identiteit, oorlog, nostalgie en herinnering. Zo ontstaat een originele cultuurhistorische reis waarin muziek het vertrekpunt vormt, maar Nederland zelf de hoofdpersoon is. Achter ieder lied lijkt een verhaal schuil te gaan dat verder reikt dan de melodie.
Over de auteur
Aben Vlerk (1948) is het pseudoniem van een Nederlandse auteur. Zijn belangstelling gaat uit naar de geschiedenis van het dagelijks leven: de verhalen, gebruiken en herinneringen die vaak buiten de officiële geschiedschrijving blijven. Na een lange loopbaan waarin wetenschappelijk onderzoek centraal stond, richt hij zich nu op verhalende non-fictie voor een breed publiek. Tussen Katinka en mijnheer Dinges is zijn eerste boek onder het pseudoniem Aben Vlerk.