De tijd tussen 1930 en 1960 wordt beschreven als een periode waarin natuurbescherming in Nederland geen prioriteit had. Economische crisis, massawerkloosheid, oorlog en vijf jaar Duitse bezetting gingen vooraf aan een moeizame wederopbouw en de moderne ontwikkeling van landbouw en industrie. Het was letterlijk ondenkbaar om boerenbedrijven te sluiten om natuur meer ruimte te geven, waardoor veel natuur verloren ging en begrijpelijkerwijs weinig mensen zich daar zorgen over maakten. Het boek onderzoekt wat natuurbeschermers in die tijd deden: er bestond al een hecht netwerk van mensen, verenigingen, stichtingen en overheidsinstanties die natuur en landschap probeerden te beschermen.
Het werk ziet hoe deze actoren met elkaar samenwerkten, welke strategieën en argumenten zij gebruikten om hun thema against the odds toch op de politieke en maatschappelijke agenda te plaatsen. Het vertelt het verhaal van deze natuurbeschermers: wie zij waren, welke organisaties zij vertegenwoordigden, wat zij dachten en hoe zij handelen.
Het boek bevat een overzicht van de periode, de netwerken en de aanpak, en plaatst deze in de bredere context van de tijd. Het is uitgegeven als eerste editie op paperback-formaat en telt 288 pagina’s.
Features
- Periode 1930–1960 als magere jaren voor natuurbescherming
- Economische crisis en oorlog beïnvloedden prioriteiten
- Natuurverlies ondanks beperkte zorgen
- Netwerk van veldwerkers, verenigingen en overheidsinstanties
- Samenwerking en strategieën om thema te plaatsen
- Verhaal van mensen, organisaties, denken en handelen
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon, Amazon Marketplace.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: