Deze beschrijving gaat over de affectieve benadering van literatuur, zoals ontwikkeld voor romans die niet noodzakelijk volgen op een chronologische structuur of een expliciet einde. Centraal staat de affectieve plot: de gevoelsmatige samenhang die de leeservaring draagt en de ontwikkeling van stemming, spanning en resonantie die lezers ervaren tijdens het lezen. De benadering koppelt theorie aan tekstkenmerken en kijkt naar hoe lezersbevindingen bestaan uit een gevoelsmatige respons die niet direct onder woorden gebracht wordt. De theorie haalt inspiratie uit fenomenologie van het affectieve en gebruikt begrippen als open vormen en resonantieruimte om de gevoelswerking van literaire teksten te beschrijven. In het bijzonder worden romans genoemd waarmee de groep bekend werd, zoals Mendel (1990), Het grote verlangen (1992) en In Babylon (1997), en krijgt deze gids ruimte om die werken te bespreken en breder toe te passen.
Kernbegrippen
- affectieve plot biedt gevoelsmatige samenhang
- open vormen en resonantieruimte beschrijven leeservaring
- bevindelijkheid ontstaat bij lezers maar blijft onuitgesproken
- vindplaatsen van de affectieve plot in tekst
Toepassing op romans
De affectieve plot belicht hoe romans zonder duidelijke afloop de lezers emotioneel raken. Door te kijken naar de gebieden waar de gevoelens van het verhaal samenkomen en resoneren, krijgen lezers eenainted en gelaagde leeservaring. Voor de besproken romans – Mendel, Het grote verlangen en In Babylon – biedt deze benadering een kader om de invloedrijke momenten en tekstkenmerken te identificeren die de affectieve werking bepalen. Het gaat om hoe de gebeurtenissen en sfeer samenkomen tot een gevoelsmatig geheel dat verder reikt dan expliciete plotpunten.
Prijshistorie
* Prijshistorie bevat geen data van Amazon, Amazon Marketplace.
Prijzen voor het laatst bijgewerkt op: